Spel van de week - 4 mei
Snijden... of niet?
In een butlerachtige wedstrijd, en soms in een parenwedstrijd, maar daarover later meer, komt het vaak voor dat een speelwijze gekozen moet worden die niet zozeer beoogt om zoveel mogelijk slagen te halen, maar die de grootste kans geeft om het benodigde aantal slagen te halen. Ik ga dat toelichten aan de hand van spel 21. Op die manier wordt het wel weer een beetje een theoretisch stukje, maar hopelijk toch interessant genoeg.
21 N/NZ | ![]() |
|
![]() |
||
![]() |
||
![]() |
||
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
|
![]() |
![]() |
|
![]() |
![]() |
|
![]() |
||
![]() |
||
![]() |
||
![]() |
Deze keer geen biedverloop er bij, want over het bieden wil ik het niet
hebben. Het lijkt echter tamelijk redelijk om in 5
terecht te komen als NZ. Dat gaat vrij automatisch vooral als OW klaver
tussenbieden. Laat het gezegd zijn dat Hedwig en ik er in slaagden om, met
het voordeel van klaver biedende tegenstanders in een deelscore te blijven
hangen, maar dat terzijde (het was nog lang onrustig in Den Haag).
Waar ik het met u over wil hebben is het spelen van een hoog ruiten
contract. Laten we voor het gemak aannemen dat OW klaver uitkomen en
switchen naar Q.
Om de onsterfelijke master bridge series van Hugh Kelsey maar eens te
citeren, How should you continue?
De beste kans voor zoveel
mogelijk slagen is de ruiten snit. Je maakt dan 12 slagen als de ruitens 2-1
zitten met de heer goed. Dit is een sportieve 39% kans (2-1 is 78% en daar
de helft van). In 6
is dat de aangewezen speelwijze omdat je al een slag kwijt bent en het
alternatief (troef Aas slaan) alleen goed is met de heer sec. Dit is 1/3 van
2-1 is 1/3*78 is 26% kans. Beduidend minder dan de snit. Maar wat nu als het
contract 5
is? De meeste mensen zullen dan ook zo spelen als in 6
,
dus de troefsnit nemen. De kans van slagen is dan 45 a 46%. Iets meer als 39
want je maakt 5
nu ook nog als de ruitens 3-0 zitten met de heer goed en als de bezitter van
de 3 kaart ruiten nog ten minste 3 hartens heeft. Dit laatste is het geval
in, ongeveer, 60% van de gevallen (3-3 = 36% plus de helft van 4-2 = 24%).
De totale kans van de snit wordt dus 39% plus 60% van de helft van 22% (3-0
zitsel).
Onthoud dit laatste resultaat. Er is echter, in 5,
nog een manier om het spel te spelen, namelijk het slaan van troef Aas. Als
je dat doet maak je het spel in de volgende gevallen:
![]() |
1/3 * 78 = 26% |
![]() |
2/3 * 78 * 0,60 = 31,2% |
![]() |
1/2 * 22 * 0,6 = 6,6% |
![]() |
1/2 * 22 * 0,24 = 2,6% |
Totaal | 66,4% |
De laatste twee termen behoeven wat toelichting. Als de ruitens 3-0 blijken te zitten ga je harten spelen. Als West 3 ruitens heeft en hij heeft ook ten minste 3 hartens dan gooi je op derde harten een schopje weg en op de vierde kan west laag troeven of hoog troeven. Als hij laag troeft, troef je over, gaat met een klaver introever naar dummy en speelt weer harten en gooit alsnog je laatste schoppen weg. Troeft hij hoog, dan gooi je meteen schoppen weg. Heeft Oost 3 troeven, dan moet hij minstens 4 hartens hebben (het overtroeven lukt nu niet) opdat je je schoppens kwijt bent voordat hij aan slag komt.
Vooropgesteld dat deze berekening niet helemaal goed is. Dit komt omdat iemand met meer ruitens minder ruimte voor hartens heeft dus de kansen zijn een klein beetje anders. Het algemene idee echter dat een combinatie van kansen vaak veel beter is dan een enkele kans komt vaak voor. Probeer daar dus een volgende keer aan te denken.
Hopelijk is nu ook de inleidende opmerking over het benodigde aantal slagen duidelijk.
Dit was voorlopig mijn laatste spel van de week. Hedwig en ik gaan op vakantie. In juni zie ik u weer.